U bent hier

Heilig Hartziekenhuis, Lier

' . t('Embed code') . '

' . t('close') . '

Ziekenhuisbreed

Naast ziektespecifieke informatie, zijn er een aantal aspecten van de zorg die breder gaan dan één bepaalde aandoening en die iets zeggen over de volledige ziekenhuiswerking. Voorbeelden zijn handhygiëne, geneesmiddelenverspreiding en het correct identificeren van patiënten. Deze ziekenhuisbrede kwaliteitsindicatoren gaan over elementen die de zorg voor alle patiënten in het ziekenhuis beïnvloeden.

Welke aspecten worden gemeten ?

We peilen naar

  • Heropnames
  • Medicatieveiligheid
  • Basisvereisten handhygiëne bij zorgverleners
  • Het vóórkomen van de ‘ziekenhuisbacterie’ MRSA –bloedstroominfecties (sepsis)
  • Correcte identificatie van patiënten
  • Het gebruik van een checklist voor veilige operaties

Hoe kan je de resultaten interpreteren ?

Voor de meeste van deze indicatoren werd een streefwaarde vooropgesteld. De grafiek maakt duidelijk of dit ziekenhuis met zijn resultaat de streefwaarde behaalt.

Elke indicator staat op zichzelf. U kan dus geen optelsom van alle behaalde resultaten maken. Deze indicatoren geven dan ook geen totaalbeeld van de kwaliteit in dit ziekenhuis. Het gaat om deelaspecten.

Bespreek de resultaten met uw zorgverlener als u vragen hebt.

Disclaimer bij resultaten

ziekenhuisbreed

Hoeveel procent van de zorgverleners voldoet aan de basisvereisten voor een goede handhygiëne?

Er zijn in 2014 geen resultaten beschikbaar voor deze indicator in dit ziekenhuis.

95 %
0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100

Waarom is deze indicator belangrijk?

Een goede handhygiëne bij zorgverleners in een ziekenhuis vermijdt dat ziektekiemen worden overgedragen naar patiënten. Daartoe worden de handen van de zorgverleners gecontroleerd op 7 basisvereisten voor een goede handhygiëne. Deze basisvereisten zijn de afwezigheid van (1) armbanden, (2) ringen, (3) horloges, (4) nagellak, (5) kunstnagels en het hebben van (6) verzorgde en (7) kortgeknipte nagels. Deze indicator geeft aan hoeveel procent van de medewerkers met de basisvereisten in orde is.

Een patiënt mag dus van zorgverleners die direct patiëntencontact hebben, verwachten dat hun handen voldoen aan de 7 basisvereisten voor handhygiëne.

Wat kan u zelf doen als patiënt? 

(bron: Erica Balligand, FOD Volksgezondheid 2014)

Toon duidelijk uw waardering wanneer zorgverleners hun handen ontsmetten tijdens de zorgverlening. Als u de indruk hebt dat ze dat vergeten zijn, vraag dan vriendelijk of ze hun handen hebben ontsmet. Vooraleer de zorgverlener u benadert, kan u hem/haar beleefd herinneren aan het belang van een goede handhygiëne.

Als u uw zorgverleners op een vriendelijke en positieve manier aanspreekt over handhygiëne, zullen ze uw goede bedoelingen begrijpen en u dat niet kwalijk nemen.

Familieleden en bezoekers wassen of ontsmetten best hun handen bij aankomst in uw kamer (zeker vóór ze u aanraken), maar ook wanneer ze uw kamer verlaten.

Meer informatie

Hier staat een staafgrafiek die het resultaat toont van het ziekenhuis dat u hebt gekozen hebt. De staafgrafiek toont ook waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen, de streefwaarde voor deze indicator en de mediaan.

Legende

  • De balk naast de naam van het ziekenhuis, toont u het resultaat van dit ziekenhuis.
  • De onderste, grijze balk (het “95% interval”) geeft aan waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen.
  • Het gearceerde, blauwe veld geeft aan wat de streefwaarde is voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).
  • De rode stippellijn is de mediaan of het middelpunt: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde een resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • Bij hoe meer personen deze indicator gemeten is, hoe betrouwbaarder het resultaat.  

Hier staat een doosgrafiek. Een doosgrafiek toont met een vierkant waar de resultaten liggen van de helft van alle ziekenhuizen. In het midden van het vierkant ligt de mediaan. Daarnaast geeft de doosgrafiek ook aan tussen welke grenzen 80% van alle ziekenhuisresultaten liggen, waar de uitschieters liggen en wat de streefwaarde is voor deze indicator.

Legende

  • De helft van alle ziekenhuizen ligt met zijn resultaat binnen het vierkant (de “doos”) van deze doosgrafiek. 
  • De lijn in het midden van het vierkant geeft de mediaan of het middelpunt aan: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • De strepen links en rechts van het vierkant: geven het laagste en hoogst gemeten resultaat weer (het minimum en het maximum). Wie buiten deze lijnen valt, is een uitschieter, een afwijkend resultaat.
  • Het blauw gearceerde veld: geeft de streefwaarde aan voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).

Toelichting ziekenhuis

Heilig Hartziekenhuis, Lier

Het HHZH Lier scoort in 2017 een totaal percentage van 87.6% correcte toepassing van handhygiëne. Wat betreft het 'niet' dragen van armbanden, polshorloges en ringen, scoort het HHZH Lier uitstekend, namelijk meer dan 98% correcte handhygiëne. Vooral wat betreft het hebben van korte nagels, is er nog ruimte voor verbetering. HHZH Lier blijft verdere campagnes voeren om de 100% te bereiken.

 

Over de periode: 2016
Details en toelichting ziekenhuis

Hoeveel procent van de geneesmiddelenvoorschriftlijnen is volledig? Bevatten alle geneesmiddelen genoteerd op het voorschrift alle informatie om een correcte aflevering en toediening mogelijk te maken?

73 %
0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100

Waarom is deze indicator belangrijk?

Het geneesmiddelenvoorschrift is de eerste cruciale stap voor een correcte toediening van geneesmiddelen. Elke onvolledigheid in het geneesmiddelenvoorschrift kan aanleiding geven tot vergissingen bij de aflevering en eventueel toediening van geneesmiddelen. Daarom is er ook wettelijk bepaald wat er op een geneesmiddelenvoorschrift moet staan. Deze indicator geeft aan hoeveel procent van de voorschriftlijnen volledig is.

Er kunnen verschillende geneesmiddelen op een voorschrift staan, vandaar dat er per voorschriftlijn gekeken wordt of de gegevens volledig zijn. De volledigheid van het voorschrift wordt nagekeken op volgende parameters:

  1. naam en voornaam van de patiënt, geboortedatum van de patiënt,
  2. details van het voorgeschreven geneesmiddel (naam van het geneesmiddel voluit, vorm van het geneesmiddel, sterkte van het geneesmiddel en frequentie van het gebruik van het geneesmiddel),
  3. stempel of volledige naam van de voorschrijvende arts,
  4. handtekening van de voorschrijvende arts,
  5. datum van het voorschrift.

Wat kan u zelf doen als patiënt?

U kan als patiënt niet onmiddellijk iets ondernemen voor deze indicator.

Als u echter bij uw opname of tijdens uw verblijf vragen hebt of de aangereikte geneesmiddelen niet (her)kent omdat ze anders zijn dan u verwacht, aarzel dan niet om meer uitleg te vragen aan uw behandelende arts of om de verpleegkundige van uw afdeling aan te spreken. Neem tijdens uw verblijf ook nooit geneesmiddelen in zonder toestemming van uw arts, ook al lijken ze onschuldig.

Bijkomende informatie bij het interpreteren van dit resultaat

Het volledig voorschrift is de eerste stap voor een veilig medicatieproces. Per voorschriftlijn  werden bovenstaande parameters gemeten. Deze parameters zijn wettelijk verplicht. Een ontbrekende parameter kan aanleiding geven tot een foute interpretatie van het voorschrift. Niet elke parameter heeft evenveel belang. De apotheker kan bij twijfel navraag doen alvorens deze geneesmiddelen af te leveren.

 

Hier staat een staafgrafiek die het resultaat toont van het ziekenhuis dat u hebt gekozen hebt. De staafgrafiek toont ook waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen, de streefwaarde voor deze indicator en de mediaan.

Legende

  • De balk naast de naam van het ziekenhuis, toont u het resultaat van dit ziekenhuis.
  • De onderste, grijze balk (het “95% interval”) geeft aan waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen.
  • Het gearceerde, blauwe veld geeft aan wat de streefwaarde is voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).
  • De rode stippellijn is de mediaan of het middelpunt: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde een resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • Bij hoe meer personen deze indicator gemeten is, hoe betrouwbaarder het resultaat.  

Hier staat een doosgrafiek. Een doosgrafiek toont met een vierkant waar de resultaten liggen van de helft van alle ziekenhuizen. In het midden van het vierkant ligt de mediaan. Daarnaast geeft de doosgrafiek ook aan tussen welke grenzen 80% van alle ziekenhuisresultaten liggen, waar de uitschieters liggen en wat de streefwaarde is voor deze indicator.

Legende

  • De helft van alle ziekenhuizen ligt met zijn resultaat binnen het vierkant (de “doos”) van deze doosgrafiek. 
  • De lijn in het midden van het vierkant geeft de mediaan of het middelpunt aan: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • De strepen links en rechts van het vierkant: geven het laagste en hoogst gemeten resultaat weer (het minimum en het maximum). Wie buiten deze lijnen valt, is een uitschieter, een afwijkend resultaat.
  • Het blauw gearceerde veld: geeft de streefwaarde aan voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).

Toelichting ziekenhuis

Heilig Hartziekenhuis, Lier

Bij de meting, werkte we nog enkel met papieren geneesmiddelenvoorschriften, waarmee het moeilijker is om de streefwaarden te behalen. Niettemin haalde het Heilig-Hartziekenhuis de beste score in Vlaanderen voor de papieren geneesmiddelenvoorschriften. Er is binnen het ziekenhuis dus een sterke motivatie aanwezig om hiervoor heel nauwgezet te werken. Ieder voorschrift wordt door de ziekenhuisapotheker nagekeken. Bij onduidelijkheden wordt steeds contact opgenomen met de behandelende arts. In 2018 starten we met de invoering van het elektronisch geneesmiddelenvoorschrift, waardoor we normaliter een significant beter resultaat mogen verwachten dat binnen de streefwaarden valt. 

Over de periode: 2017
Details en toelichting ziekenhuis

Hoeveel procent van de gecontroleerde patiënten draagt een identificatie-armbandje met alle vereiste én correcte gegevens erop?

Er zijn in 2015 geen resultaten beschikbaar voor deze indicator in dit ziekenhuis.

Er zijn in 2014 geen resultaten beschikbaar voor deze indicator in dit ziekenhuis.

99 %
0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100

Waarom is deze indicator belangrijk?

Tijdens een opname in het ziekenhuis, komt u in contact met heel wat zorgverleners (artsen, verpleegkundigen, …) die samen verantwoordelijk zijn voor uw zorg. Omdat het op elk moment belangrijk is dat iedereen goed weet wie u bent, zal u merken dat men op verschillende momenten tijdens uw behandeling opnieuw vraagt naar uw naam en geboortedatum.

Meestal krijgt u bij een opname in het ziekenhuis ook een armbandje om met daarop onder meer uw naam, voornaam en geboortedatum. Soms print men op dat bandje ook een barcode, die specifiek verwijst naar uw persoonlijke gegevens. Aan de hand van dit bandje kunnen zorgverstrekkers uw identiteit controleren, zodat u altijd die onderzoeken en behandelingen krijgt die voor u werden voorgeschreven.

Omdat dit armbandje vaak geraadpleegd wordt om te kijken wie u bent, is het belangrijk dat u een armbandje krijgt en uw gegevens hierop correct worden vermeld. Zo kunnen vergissingen of verwisselingen voorkomen worden.

Wat kan u zelf doen als patiënt?

Controleer meteen of de gegevens op uw bandje correct zijn. Het is belangrijk om onjuistheden onmiddellijk te melden.

Indien uw armbandje om één of andere reden verwijderd wordt (vb. ingreep, plaatsen van een infuus), vraag dan meteen aan de verpleegkundige om u een nieuw armbandje om te doen.

Verwijder zelf uw bandje niet tijdens uw verblijf in het ziekenhuis.

Hier staat een staafgrafiek die het resultaat toont van het ziekenhuis dat u hebt gekozen hebt. De staafgrafiek toont ook waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen, de streefwaarde voor deze indicator en de mediaan.

Legende

  • De balk naast de naam van het ziekenhuis, toont u het resultaat van dit ziekenhuis.
  • De onderste, grijze balk (het “95% interval”) geeft aan waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen.
  • Het gearceerde, blauwe veld geeft aan wat de streefwaarde is voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).
  • De rode stippellijn is de mediaan of het middelpunt: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde een resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • Bij hoe meer personen deze indicator gemeten is, hoe betrouwbaarder het resultaat.  

Hier staat een doosgrafiek. Een doosgrafiek toont met een vierkant waar de resultaten liggen van de helft van alle ziekenhuizen. In het midden van het vierkant ligt de mediaan. Daarnaast geeft de doosgrafiek ook aan tussen welke grenzen 80% van alle ziekenhuisresultaten liggen, waar de uitschieters liggen en wat de streefwaarde is voor deze indicator.

Legende

  • De helft van alle ziekenhuizen ligt met zijn resultaat binnen het vierkant (de “doos”) van deze doosgrafiek. 
  • De lijn in het midden van het vierkant geeft de mediaan of het middelpunt aan: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • De strepen links en rechts van het vierkant: geven het laagste en hoogst gemeten resultaat weer (het minimum en het maximum). Wie buiten deze lijnen valt, is een uitschieter, een afwijkend resultaat.
  • Het blauw gearceerde veld: geeft de streefwaarde aan voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).

Toelichting ziekenhuis

Heilig Hartziekenhuis, Lier

Identificatie van patiënten is één van de kwaliteitsspeerpunten waar het ziekenhuis al jaren aan werkt. In ons ziekenhuis hadden 99% van onze patiënten tijdens een niet aangekondigde audit in 2016 een correct en volledig identificatiebandje. We blijven streven naar 100% voor iedere afdeling. Daarom doen wij op regelmatige tijdstippen onaangekondigde interne audits met controle op de aanwezigheid en de correctheid van de identificatiebandjes.

Over de periode: 2016
Details en toelichting ziekenhuis

Hoeveel procent van de 22 uit te voeren controles werden daadwerkelijk uitgevoerd voor, tijdens en na een chirurgische ingreep?

93 %
0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100

Waarom is deze indicator belangrijk?

Een team van artsen, verpleegkundigen, onderzoekers en patiënten, aangestuurd door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), stelde in 2009 een lijst samen met 22 essentiële controles die respectievelijk ‘voor’, ‘tijdens’ en ‘aan het einde’ van een chirurgische ingreep verplicht nagekeken moeten worden.

Enkele voorbeelden hiervan zijn: de identiteit van de patiënt controleren, controleren of de plaats van de ingreep correct werd aangeduid, mogelijke problemen gezamenlijk overlopen met het chirurgisch team en het aantal gebruikte instrumenten, kompressen en naalden tellen voor en na de ingreep.

Deze checklijst is een hulpmiddel om ervoor te zorgen dat heelkundige ingrepen op een zo veilig mogelijke manier verlopen. De checklijst beperkt ook  de kans op mogelijke verwikkelingen tijdens of na de ingreep.

Een correct gebruik van een gestandaardiseerde ‘checklijst veilige heelkunde’ (=safe surgery checklist) leidt tot een vermindering van het aantal complicaties tijdens en na een chirurgische ingreep.

Hier staat een staafgrafiek die het resultaat toont van het ziekenhuis dat u hebt gekozen hebt. De staafgrafiek toont ook waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen, de streefwaarde voor deze indicator en de mediaan.

Legende

  • De balk naast de naam van het ziekenhuis, toont u het resultaat van dit ziekenhuis.
  • De onderste, grijze balk (het “95% interval”) geeft aan waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen.
  • Het gearceerde, blauwe veld geeft aan wat de streefwaarde is voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).
  • De rode stippellijn is de mediaan of het middelpunt: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde een resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • Bij hoe meer personen deze indicator gemeten is, hoe betrouwbaarder het resultaat.  

Hier staat een doosgrafiek. Een doosgrafiek toont met een vierkant waar de resultaten liggen van de helft van alle ziekenhuizen. In het midden van het vierkant ligt de mediaan. Daarnaast geeft de doosgrafiek ook aan tussen welke grenzen 80% van alle ziekenhuisresultaten liggen, waar de uitschieters liggen en wat de streefwaarde is voor deze indicator.

Legende

  • De helft van alle ziekenhuizen ligt met zijn resultaat binnen het vierkant (de “doos”) van deze doosgrafiek. 
  • De lijn in het midden van het vierkant geeft de mediaan of het middelpunt aan: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • De strepen links en rechts van het vierkant: geven het laagste en hoogst gemeten resultaat weer (het minimum en het maximum). Wie buiten deze lijnen valt, is een uitschieter, een afwijkend resultaat.
  • Het blauw gearceerde veld: geeft de streefwaarde aan voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).

Hoeveel procent van de voorziene controles werden daadwerkelijk uitgevoerd voor, tijdens en na een chirurgische ingreep?

96 %
0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100

Hier staat een staafgrafiek die het resultaat toont van het ziekenhuis dat u hebt gekozen hebt. De staafgrafiek toont ook waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen, de streefwaarde voor deze indicator en de mediaan.

Legende

  • De balk naast de naam van het ziekenhuis, toont u het resultaat van dit ziekenhuis.
  • De onderste, grijze balk (het “95% interval”) geeft aan waar de resultaten uitkomen van 95% van de ziekenhuizen.
  • Het gearceerde, blauwe veld geeft aan wat de streefwaarde is voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).
  • De rode stippellijn is de mediaan of het middelpunt: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde een resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • Bij hoe meer personen deze indicator gemeten is, hoe betrouwbaarder het resultaat.  

Hier staat een doosgrafiek. Een doosgrafiek toont met een vierkant waar de resultaten liggen van de helft van alle ziekenhuizen. In het midden van het vierkant ligt de mediaan. Daarnaast geeft de doosgrafiek ook aan tussen welke grenzen 80% van alle ziekenhuisresultaten liggen, waar de uitschieters liggen en wat de streefwaarde is voor deze indicator.

Legende

  • De helft van alle ziekenhuizen ligt met zijn resultaat binnen het vierkant (de “doos”) van deze doosgrafiek. 
  • De lijn in het midden van het vierkant geeft de mediaan of het middelpunt aan: de helft van de ziekenhuizen haalde een resultaat hoger dan of gelijk aan de mediaan, de andere helft haalde resultaat lager dan of gelijk aan de mediaan.
  • De strepen links en rechts van het vierkant: geven het laagste en hoogst gemeten resultaat weer (het minimum en het maximum). Wie buiten deze lijnen valt, is een uitschieter, een afwijkend resultaat.
  • Het blauw gearceerde veld: geeft de streefwaarde aan voor deze indicator (hoe wordt de streefwaarde gekozen?).